Van inbreng naar invloed: zo laat je participatie doorwerken in beleid
Een woensdagavond in het buurthuis. Veertig bewoners denken twee uur lang mee over de herinrichting van hun wijk. Er hangen flipovers vol ideeën, de koffie is op, de sfeer is goed. De projectleider bedankt iedereen hartelijk en belooft dat alle input wordt meegenomen. En dan? Dan wordt het stil.
Wie deelneemt aan participatie en daarna nooit meer iets hoort, trekt zijn eigen conclusie: mijn inbreng deed er niet toe. Ik deed mee voor spek en bonen. Die conclusie is giftig. Niet alleen voor het volgende participatietraject, maar voor het vertrouwen in de lokale overheid als geheel. Het pijnlijke is: vaak is er wél iets met de input gedaan. Alleen weet niemand het.